Postadres:
Postbus 2800
3000 CV Rotterdam
Het oeuvre van Marianne van Kerkhoven kenmerkt zich door veelzijdigheid, luciditeit, sensibiliteit en eruditie. Ondanks de grote sprongen die zij waagt, verzandt Van Kerkhoven nooit in moeilijk benaderbaar proza of intellectuele gewichtdoenerij. Een combinatie van persoonlijke betrokkenheid en kritische distantie weerhoudt haar daarvan. Vanuit verschillende perspectieven belicht Van Kerkhoven het theater; zo weet ze haar beschouwingen inzichtelijk te maken door deze te verbinden met wetenschappelijke verworvenheden uit de moderne fysica of uit de neuropsychologie. Dit laat zien hoe serieus zij theater neemt: als dramatische expressie van de menselijke conditie in haar vele facetten.
Haar boek Van het kijken en van het schrijven (2002) is een rijke verzameling artikelen en geeft een treffende doorsnede van haar interesses. Van Kerkhoven onderkent evenwel de vergankelijkheid in elke beschrijving van theater. Volgens haar komt dit enerzijds omdat “materialiteit” de essentie van de toneelpraktijk is, dat wil zeggen, dat toneel nooit te herleiden is tot een eenduidige werkelijkheid; anderzijds, omdat toneel bestaat binnen een openbaarheid waarin een “overdaad aan fictie” heerst. Van Kerkhoven verlangt dat het toneel met deze gemedialiseerde werkelijkheid leert om te gaan en zichzelf verplicht tot een andere manier van kijken.
Daarom zet ze in haar werk als dramaturge niet het beeld, maar de ruimte centraal. Daar waar de perceptie van het platte beeld vaak leidt tot waarheidsuitspraken, roept de ervaring van de ruimte gevoelens op die een vertraagde verbeelding van de voorstelling geven. Van Kerkhoven spreekt dan ook liever van “theaterruimte” in plaats van “toneelbeeld”. Hierin heeft de scenografie aldus een centrale plek: in het hedendaagse theater krijgen beelden betekenis wanneer de ruimte beschreven wordt.
Van Kerkhoven stond aan de wieg van het politieke toneel vanaf 1970. Zij is die oorsprong altijd trouw gebleven. Het materiële is voor haar de grondslag gebleven, zowel van de inhoud als van de productievoorwaarden van het toneel. Als dramaturge en als schrijfster heeft zij een belangrijk aandeel gehad in de ontwikkeling van het Vlaamse, maar ook van het Nederlandse theater. Daarbij is de context van de sociale en politieke verhoudingen zeer bepalend geweest. Haar werkzaamheid in het theater maakt haar bewust van wat zij “de grote dramaturgie” noemt, het theater dat “in de wereld” ligt. Deze omschrijving van het theater heeft in de loop der jaren een grotere spanwijdte gekregen. In de jaren zeventig was de werkelijkheid nog eenvoudig te duiden, maar door de opkomst van de beeldcultuur en de veranderingen in de economische en maatschappelijke structuren moest het theater zijn weg zien te vinden in het labyrint van een toenemende complexiteit. In haar werk laat van Kerkhoven zien hoe het theater in een dergelijke configuratie de werkelijkheid kan tonen, hoe het politiek kan zijn, hoe het kan aanzetten tot maatschappelijk bewustwording zonder dat het een instrument wordt van belangenformaties of in een dramaturgische dogmatiek vervalt. Van zulk per definitie politiek theater is Van Kerkhoven een meesterlijk beschouwer.
Biografie
Marianne van Kerkhoven (1946) studeerde Germaanse talen aan de universiteit van Brussel en werkte als dramaturge in de Koninklijke Nederlandse Schouwburg in Antwerpen (1969-1970). In 1970 stichtte ze het theatergezelschap Het Trojaanse Paard, waarvoor ze verschillende stukken schreef. Van 1976 tot 1982 werkte ze aan een wetenschappelijk project over theater aan de Brusselse universiteit. Sinds het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw is ze als dramaturge verbonden aan het Kaaitheater (Brussel); in dit kader werkte ze samen o.a. met Anne Teresa De Keersmaeker (Rosas), Jan Lauwers (Needcompany), Jan Ritsema, Josse de Pauw, Guy Cassiers, Peter van Kraaij en Rudi Meulemans. Van Kerkhoven werkte tevens als dramaturge bij Het Net (Brugge), waar Josse De Pauw artistiek leider was, van 2000 tot 2005.
Marianne van Kerkhoven was hoofdredacteur van de internationale reeks Theaterschrift (1992-1998), een tijdschrift dat zich bezighield met recente ontwikkelingen in het theater en een brug wilde slaan tussen theorie en praktijk. Ze was ook redacteur van het theatermagazine Etcetera, vanaf zijn oprichting in 1983 tot 2004. Marianne van Kerkhoven publiceert artikels en geeft ook lezingen over dans en theater in binnen- en buitenland. In 1990 publiceerde ze een roman: Anne met de omkeerbare naam en in 2002 werd een verzameling van haar essays over theater gebundeld in Van het kijken en van het schrijven. Teksten over theater. In 1995 ontving zij de Cultuurprijs K.U.Leuven/Blanlin-Evrart en in 2005 was zij laureate van de Cultuurprijs Vlaanderen 2004 voor Podiumkunsten.